We hebben cookies op uw computer geplaatst om onze website te verbeteren. Voor deze prestatiecookies gebruiken we een PIWIK Analytics-script. Meer informatie kunt u vinden in ons cookiebeleid. Raadpleeg de privacyverklaring voor het aanpassen van de instellingen van de internetanalyse door PIWIK (bijv. cookies uitschakelen/opt-out). Meer informatie

Confirm

Pijn meten

Meten en vergelijken

Het duidelijk onder woorden brengen van de klachten door de patiënt is essentieel voor het succes van een pijnbehandeling.

Niemand weet zo goed hoe de pijn voelt als de patiënt zelf. Pijn is een puur persoonlijke gewaarwording. Iedereen neemt pijn anders waar. Pijn waar de één mee kan leven, kan voor de ander nauwelijks te verdragen zijn. Om de juiste pijnbehandeling te kunnen instellen is het voor de arts van belang om zoveel mogelijk informatie te hebben over de pijn en de omstandigheden die er invloed op hebben. De manier waarop de pijn zich manifesteert, de momenten waarop de pijn optreedt, hoe vaak, de duur van de pijn en vooral de intensiteit van de pijn, spelen allemaal een rol in het proces. En daarom is het nodig om pijn te meten.

Pijn meten – maar hoe?

Pijn is een puur persoonlijke gewaarwording en de arts kan deze niet zoals bij bloeddruk, pols en temperatuur vastleggen met een meetinstrument.

De persoonlijke ervaring van de patiënt staat bij het meten van pijn centraal. Daarom zijn er zogenaamde ‘pijnschalen’ om de ernst van de pijn meetbaar en herkenbaar te maken voor de arts. Patiënten kunnen met de pijnschaal hun pijn door middel van een schuif in delen van “geen pijn” tot “ergst denkbare pijn”. Dit maakt het alsnog mogelijk om pijn te meten en te vergelijken.

Pijn documenteren

Het succes van een pijnbehandeling wordt afgemeten aan hoe de patiënt zich voelt.

Dit hangt af van vele factoren: Hebben de geneesmiddelen effect? Hoe worden ze verdragen? Tijdens wat voor dagelijkse activiteiten treedt de pijn op en wanneer verdwijnt de pijn? De arts kan antwoorden op deze vragen vinden in een zogenaamd ‘pijndagboek’. Met dagboek brengt de patiënt zijn pijn in kaart. De momenten waarop de pijn optreedt en de ernst ervan wordt genoteerd, evenals welke geneesmiddelen worden gebruikt en wanneer en of er vermeldenswaardige voorvallen plaatsvinden. Dit stelt patiënt en arts in staat om de pijnbehandeling te optimaliseren.